Op 16 april 1944 werden van hier 486 jongemannen door de bezetter weggevoerd van wie velen nooit zijn teruggekeerd.

Vorige persoon (C. Kuiper) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (J. Laan)

Naam: Arie Kunnen
Voornamen:Adrianus Johannes
Geboren:Zaterdag 25 Juli 1925 te Heemskerk
Adres:Rijvordtlaan 47
Woonplaats:Beverwijk
 
Kaart 1939 Halle de Hilfskrankehauser Alters und Pflegeheim Halle. Hilfskrankenhaus I. Foto van Bogenmann Pestalozzischool Halle. Hilfskrankenhaus II. Foto van Christine Mit einer Stunde sind Sie wieder zuruck. Bron: Noordhollands Dagblad 16 april 2004. Arie Kunnen in het NoordHollands dagblad van 16 april 2004. Overlijdensbericht Arie Kunnen. Bron: Noord-Hollandsdagblad.. In Memoriam Arie Kunnen. Bron: De Jutter december 2014
 
Opgepakt bij de Razzia in Beverwijk en Velsen van 16 april 1944 in de Rijvordtlaan 47, Beverwijk.
 
Op zondag 16 april 1944 rond 13:00 per trein afgevoerd naar het PDA in Amersfoort
 
In het PDA werden alle persoonsgegevens genoteerd waaronder het beroep van de gevangene.
Beroep:Bankarbeiter
Gevangenenr:623
 
Tussen 16 april 1944 en 11 augustus 1944 werden ongeveer 160 gegijzelden vrijgelaten
Arie Kunnen is NIET vrijgelaten
 
Op 7 juli 1944 's-morgens om 02:30 uur werden de gevangenen afgemarcheerd naar het station in Amersfoort om per trein naar Duitsland vervoerd te worden.
 
Kampen in duitsland:
Plaats, kamp: Schkopau, GemeinschaftsLager
Plaats, kamp: Nietleben, Lager
Plaats, kamp: Zöschen, ArbeitsErziehungsLager
Plaats, kamp: Schafstädt, Lager
Plaats, kamp: Ammendorf, Lager
 
Arie Kunnen is teruggekeerd: Woensdag 26 Februari 1947
 
Overleden: Vrijdag 21 November 2014 te Wijk aan Zee
Begraven: Woensdag 26 November 2014 te Wijk aan Zee St. Odulphus
 
Persoonlijk verhaal:
 

Na een week van rust in Ammendorf werden de jongens gekeurd. Van de 200 jongens die daar waren werden er 30 goedgekeurd waaronder Arie. De volgende dag, 24 november 1944, moesten ze 20 kilometer lopen naar het Lager in Zöschen. Daar kregen ze hun papieren, koffers en geld terug. De 25e werden ze naar het "Arbeitsamt" in Merseburg gebracht waar ze het ontslagbewijs uit het kamp ontvingen en werden ze bij verschillende bazen tewerkgesteld. Arie kwam terecht bij de spoorwegen. Ze sliepen in een oude keet. Al gauw bleek dat hij vlektyfus had. Met 40 graden koorts lag hij onverzorgd in een barak. Begin december werd een vruchteloze poging door de Duitsers ondernomen om Arie met 5 kameraden in een ziekenhuis onder te brengen. Op Sinterklaas 1944 was er weer bomalarm. Eerst s'-morgens om 10 uur. De bommen vielen hoogstens 50 meter van de barak maar alles bleef overeind. s'-avonds was het veel erger. Om 21 uur alarm en 10 minuten later bommen. Ze vielen precies naast de barak die direct instortte. Arie lag vastgeklemd onder het dak. Hij stond doodsangsten uit. De bommen bleven vallen. Modder en zand spatten ze om de oren. Na een half uur was het over. De gezonde jongens die hadden geschuild kwamen hun kameraden bevrijden. Pas op 9 december werden ze naar het Hilfskrankenhaus nr I in Halle gebracht. Na zes weken wilde de dokter hem ontslaan maar bij het doorlichten werd er een beginstadium van TBC geconstateerd dus moest Arie in het ziekenhuis blijven. Na enige tijd werd hij overgeplaatst naar Hilfskrankenaus nr II. Op het moment van de bevrijding, op 18 april 1945, lag hij samen met Jan Rumping en iemand uit Drenthe in dit ziekenhuis. Jan Rumping overleed hier op 25 april 1945, de man uit Drenthe op 1 mei. Eind mei besloot hij om ontslag te nemen uit het ziekenhuis en richting Nederland te gaan. Hij meldde zich bij de autoriteit die zorgde dat de Nederlanders thuis kwamen. Arie werd vervoerd in een goederenwagon met een man of 20. Ze konden liggen. De reis richting Nederland duurde 3 of 4 dagen omdat veel bruggen en spoorlijnen vernield waren door het oorlogsgeweld. De trein reed tot Munster. Vanaf Munster zijn ze met een vrachtwagen naar de visitatiepost voor de Displaced Persons in Enschede vervoerd.  Het was 11 juni 1945 dat Arie de grens met Nederland passeerde. Bij de keuring in Enschede werd TBC geconstateerd en kon hij direct weer het ziekenhuis in.

Arie heeft een boek geschreven over zijn belevenissen vanaf 16 april 1944 tot aan zijn terugkeer na zijn rustkuur in Berg en Bosch te Bilthoven, i.v.m. de TBC die hij in Duitsland opgelopen had.

Hilfskrankenhaus I en II in Halle.

Hilfskrankenhaus I was gevestigd in het "Alters- und Pflegeheim" aan de Beesener Straße 15 in Halle. Hilfskrankenhaus II was gevestigd in de Pestalozzischule aan de Vor dem Hamstertor 12 in Halle. In het boek "Zur Ausmerzung freigegeben" geschreven door Frank Hirschinger vinden we informatie over deze Ziekenhuizen op blz 79 in het hoofdstuk III "Die Vernichtung lebensunwerten Lebens 1939-1945", Der Beginn der Krankenmorde.

Reeds in 1939 werden twee hulpziekenhuizen ingericht Nr I in het bejaarden en verzorgingshuis van Halle en Nr II in de Pestalozzieschool. Zoals uit de titel van het hoofdstuk blijkt waren deze ziekenhuizen bedoeld om de geestelijk gehandicapten om te brengen. Zowel het Alters- und Pflegeheim als de Pestalozzischool staan er nog steeds. De Pestalozzischool is nu een school voor moeilijk lerende kinderen.

Zie bijgaande foto's.

 


Vorige persoon (C. Kuiper) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (J. Laan)